De landelijke Boekenweek, die jaarlijks in maart wordt gehouden, heeft altijd een thema. Dit jaar was dat: Mijn Generatie. In aanloop naar de Boekenweek vroeg de bibliotheek of ik rondom dit thema een quiz wilde maken waarmee we in verschillende vestigingen een gezellige voorstelling zouden geven. Het was een leuk verzoek, vooral omdat generatievragen bij uitstek geschikt zijn voor een quiz.
De quizvragen verdeelde ik grofweg in drie categorieën, geschikt voor grootouders, hun kinderen en hun kleinkinderen. Alle vragen liepen door elkaar heen en bestonden uit foto's, film- en geluidsfragmenten, boeken en nog veel meer. Het bedenken van de vragen ging in het begin prima, maar gaandeweg liep ik tegen het feit aan dat ik zelf geen kinderen heb. Zo kan ik bijvoorbeeld nog steeds het liedje Sophietje van Johnny Lion woord voor woord meezingen (Zij dronk ranja met een rietje). En ook het taalkundig sterke She Loves You van The Beatles (Yeah, yeah, yeah), kost me tot op de dag van vandaag geen enkele moeite. Maar ik wist echt niet wie Bella Poarch is, en nog minder dat Build a Bitch de weinig romantische titel is van haar debuutsingle. Een nieuwe wereld ging voor me open.
Het is trouwens niet de eerste keer dat ik een enorme inhaalslag maakte op het gebied van tienertaal. Tijdens het geven van gastlessen op een middelbare school over het schrijven van detectives moest de docent me vaak onderbreken: 'Sorry, maar ze weten niet wat een Krimi is, laat staan dat ze Derrick kennen.' Ik leerde dat boeie niet per se op mijn les hoefde te slaan, want alles was boeie. Het was de tijd van ik ga stuk, cool, vet en hij doet para.
De taal-bijspijkersessies op de school maakten me zelfverzekerd. Ik was van mening dat ik tieners en hun taal begreep. Hoezeer ik me vergiste bleek tijdens het maken van de Mijn Generatie-quiz; de tieners van nu zijn totaal andere mensen dan die van een paar jaar geleden. Nu heb je dat natuurlijk altijd gehad. Immers, iedere generatie heeft zijn eigen beleving van de wereld en sociale omgang. Maar dan nog vind ik dat die veranderingen elkaar vandaag de dag veel sneller lijken op te volgen.
Hoogste tijd voor een taal-bijspijkersessie 2.0, dacht ik. Het kwam goed uit dat ik een afspraak had bij vrienden met een tienerdochter. Tijdens het gesprek ontdekte ik dat ik al best veel wist. Toen de tienerdochter vertelde dat chillen met haar bestie en loaded fries chappen tot haar ultieme geluksmomenten hoorden, hoefde ik haar niet te vragen dit te verduidelijken. Ook snapte ik dat ze een mooi schilderij echt ziek hard kon vinden en dat ze graag uitgaat, maar het net zo fijn vindt om osso te zijn bij haar ouders.
Helemaal taalbewust en vol jeugdig elan meldde ik me onlangs bij een kantoor voor een interview. Een jonge vrouw van begin twintig vertelde enthousiast over haar werk. Tijdens dit gesprek gebruikte zij, evenals de tienerdochter eerder, uitdrukkingen die horen bij haar generatie. Ik vreesde ze niet want, net als de antwoorden van de pubquiz, dacht ik ze inmiddels allemaal wel te kennen. Dat hoe ik me van binnen voel en hoe ik er van buiten uitzie, twee zeer ver van elkaar staande werelden zijn, had ik pas in de gaten bij het afscheid. Met haar armen over elkaar wachtte ze, terwijl ik, al babbelend, mijn spullen pakte en mijn jas aantrok. Een ogenblik keek ze me intens aan en stelde toen de retorische vraag: 'U doet dit werk vast al heel erg lang?'
Caty's Column staat in De Plusser, de special die wordt uitgegeven door Dordt Centraal en iedere twee maanden verschijnt. In tegenstelling tot weekkrant Dordt Centraal, is De Plusser geen huis-aan-huiskrant, maar kun je hem meenemen bij meer dan tachtig afhaalpunten in de Drechtsteden. Klik hier voor een afhaalpunt in je buurt.